Beste wensen 2026
Textiel is nauw verweven met veel aspecten van ons dagelijks leven. Je vindt het overal: in kleding, meubels, medische uitrusting, gebouwen, voertuigen, enz. De Europese consumptie van textiel staat op de vierde plaats van de sectoren met de grootste impact op het klimaat.
Enkele cijfers:

Deze cijfers zijn alarmerend. De wereldwijde productie van textielvezels blijft gewoon toenemen. Dat zorgt ervoor dat de negatieve gevolgen voor hulpbronnen, water, energieverbruik en het klimaat ook zullen blijven toenemen. Hoog tijd dus om de productie en consumptie van textiel aan te pakken. Het is nu dringender dan ooit!

We krijgen al langer te horen dat we zuiniger moeten omgaan met water. Water is essentieel. Leven zonder water kunnen we niet.

We dragen al lang geen katoenen kledij meer. Van alle kleding die wordt geproduceerd, bestaat 69% uit plastic.
De textielindustrie zou jaarlijks maar liefst 93 biljoen water verbruiken. Daardoor is de mode-industrie verantwoordelijk voor zo'n 20% van de industriële watervervuiling door de kleuring en bewerking van textiel én voor zo'n 35% van de vervuiling door primaire microplastics (zeer kleine deeltjes plastic die in o.a. polyester kleding zitten) (bron: Ellen MacArthur Foundation).
De meeste microplastics uit textiel komen vrij tijdens de eerste wasbeurten. En gezien fast fashion gebaseerd is op massaproductie (lage prijzen en hoge verkoopcijfers) wekt dat veel eerste wasbeurten in de hand! Het effect daarvan is gigantisch en drastisch:

Het telen van grondstoffen vergt veel water
Denk hierbij aan watergebruik voor de irrigatie van gewassen. Daarbij worden ook nog pesticiden en meststoffen gebruikt die het grond- en/of oppervlaktewater (en later ook de rivieren) vervuilen. Dit heeft een enorme impact op het milieu en de lokale bevolking.
Het kleuren en bewerken van textiel
Nadat de garens gesponnen en geweven/gebreid zijn tot een lap stof, wordt er aan 'wet processing' gedaan. Concreet: het textiel wordt gekleurd en afgewerkt met chemische stoffen die o.a. zorgen voor kleurvastheid, anti-kreuk, waterbestendigheid. Dit proces is zeer watergulzig én vervuilend: veel kleurstoffen en chemicaliën komen in het afvalwater terecht, dat nadien geloosd wordt in nabijgelegen rivieren... met alle gevolgen van dien voor milieu, dier, mens.
Een zeer triest voorbeeld dat symbool staat voor hoe vervuilend de kledingindustrie is: de Citarum-rivier in Indonesië (zie foto). Deze rivier wordt als een industrieel rioleringsdumpsysteem gebruikt: giftige metalen als lood (100 keer de toegelaten waarden!), kwik en arseen zijn er in belangrijke hoeveelheden terug te vinden. Vijftien miljoen mensen wonen in de vallei van een 225km lange rivier, die daarnaast ook 420.000 hectare rijstvelden van water voorziet.
Het wassen van onze kleding
De meeste kleding bevat synthetische vezels (en wordt dus gemaakt uit ruwe olie). Bij het wassen van deze kleding komen microplastics vrij die via het water van je wasmachine (of tijdens het productieproces) uiteindelijk in de oceanen en zelfs in ons drinkwater en voedsel belanden.
Naar schatting is de mode-industrie verantwoordelijk voor 10% van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen. Dat lijkt misschien niet veel, maar dat is meer dan de uitstoot van de internationale vluchten en de zeescheepvaart samen (Meer info hier)!
Volgens het Europees Milieuagentschap veroorzaakte de aankoop van textiel in de EU in 2020 een CO2-uitstoot van ongeveer 270 kg per persoon. Dat betekent dat in de EU verbruikte textielproducten 121 miljoen ton aan broeikasgasemissies hebben veroorzaakt.
We gooien te veel kledij weg. Minder dan de helft van de gebruikte kleding wordt ingezameld voor hergebruik of recycling. Slechts 1 % daarvan wordt gerecycled tot nieuwe kleding. Waarom? Er komen nu pas technologieën op die het mogelijk zouden maken kleding te recyclen tot nieuwe vezels.
Textielafval is de snelst groeiende afvalindustrie ter wereld. Jaarlijks komen 11,3 miljoen ton kleding in de VS en 300.000 ton in het VK op de stortplaats terecht.
En wat met Europa?
Wij kopen als Europeaan jaarlijks bijna 26 kg aan textiel. Bijna de helft daarvan (ongeveer 11 kg) gooien we jaarlijks weg. Concreet: er wordt 5,8 miljoen ton per jaar weggegooid in Europa!
En dit is jammer genoeg geen alleenstaand geval! Van alle in Europa afgedankte textiel ging in 2019 46% naar Afrika en 41% naar Azië.
Andere voorbeelden:
De werkomstandigheden in textielfabrieken waar kleding wordt gemaakt voor o.a. westerse ketens als Primark, Walmart en Benetton laten vaak te wensen over.
Een van de grootste textielrampen vond op 24 april 2013 plaats in Dhaka, de hoofdstad van Bangladesh. Een groot complex, genaamd Rana Plaza, waarin toen zeker vijf textielfabrieken gevestigd waren, stortte in: meer dan 1.130 mensen kwamen om het leven en zo'n 2.500 raakten gewond.
Niet onbelangrijk: vakbonden zijn vaak het doelwit van wraakacties in Bangladesh, dat nog steeds een van de gevaarlijkste landen ter wereld is voor mensen die actief zijn bij een vakbond!
Merken als H&M, Esprit, Uniqlo en C&A beloven al jaren leefbare lonen, maar trekken zich op cruciale momenten terug. Door dit te doen, moedigen deze merken de werkgevers aan door te gaan met het schenden van het recht op een leefbaar loon.
De Europese Green Deal heeft een gigantisch grote ambitie: de uitstoot van broeikasgassen tegen 2030 aanzienlijk verminderen en van Europa tegen 2050 het eerste koolstofneutrale continent maken.
Dit plan wil de grote uitdagingen op het vlak van het milieu, het klimaat, de biodiversiteit en de duurzaamheid aanpakken, met oog voor een sociale gelijkheid. Om te slagen in het opzet, is de overstap naar een circulaire economie (kringloopeconomie) één van de sleutelelementen.
Concreet: de textielproducten die in 2030 op de EU-markt worden gebracht moeten een lange levensduur hebben, recycleerbaar zijn, zoveel mogelijk van gerecycleerde vezels zijn gemaakt en vrij zijn van gevaarlijke stoffen.
Daarbij pleiten de leden van het Europees Parlement ook voor nieuwe maatregelen tegen het vrijkomen van microvezeldeeltjes en strengere normen voor watergebruik:
Alle textielproducten die in de Europese Unie in de handel worden gebracht, moeten:
In een concurrerende, veerkrachtige en innovatieve textielsector nemen producenten verantwoordelijkheid voor hun producten in de hele waardeketen.
Enkele Belgische textielproducenten tonen alvast hoe het moet.
Het West-Vlaamse bedrijf Purfi investeerde 9 miljoen euro in een eerste installatie dat weefsels van katoen, polyester, polyamide, aramide enz. kan recycleren.
Concreet: de 150 meter lange installatie ontorst textielafval (reverse spinning genoemd) tot 30 mm lange vezels. Het gaat om maar liefst vijf ton textielvezels per dag, dat in hun oorspronkelijke kwaliteit wordt gerecycleerd!
Purfi gaat er prat op dat via zijn technologie een kilo gerecycleerd katoen 50 procent CO2-uitstoot en 95 procent watergebruik bespaart tegenover nieuw katoen.
Het West-Vlaamse Unilin heeft een investering gemaakt van 150 miljoen euro: het ontwikkelde een technologie waarmee het binnen vijf jaar bijna al het pvc voor zijn vinylvloeren uit gerecycleerd materiaal kan halen.
Het bedrijf verwerkt nu vinylafval uit de eigen fabrieken, maar wil dus in de toekomst pvc uit rioolbuizen, ramen en deuren en medisch materiaal recupereren. Ze willen daarbij een systeem uitwerken om binnen een cirkel van 300 km rond de West-Vlaamse fabrieken pvc-afval op te halen en zijn daarvoor in gesprekken met de grote afvalverwerkers.
Door de recyclage zal Unilin geen 'vers' pvc moeten gebruiken, waardoor er bijvoorbeeld minder CO² uitstoot zal zijn, er minder energie gebruikt zal worden en de gerecycleerde grondstof goedkoper zal zijn!
Het Meulebeekse Libeco, wereldspeler met zijn aanbod van interieurtextiel op basis van linnen, zoekt meer en meer naar alternatieve producten.
De vlasoogsten in onze contreien vielen de voorbije drie jaren tegen en dat had een effect op de kwaliteit van de grondstof voor linnen. Daarom is het bedrijf beginnen kijken naar het erg milieuvriendelijke hennep als grondstof. Nu investeert het bedrijf in fundamentele onderzoek naar hennep.
Het traditionele bedrijf van de familie Libeert wil zijn eigen grenzen verleggen (met hennep als alternatief voor linnen) om aan de klimaatdoelstellingen tegemoet te komen.
Utexbel, Belgische marktleider in textielproductie stelt Dr. Green voor, een nieuwe productielijn van duurzame ziekenhuiskledij op basis van gerecycleerd textiel.
Dr. Green is een volledig circulair ontwikkeld product: gebruikte ziekenhuiskledij wordt op industriële schaal getransformeerd tot vezels en wordt daarna weer omgezet tot afgewerkte ziekenhuiskledij... en dit allemaal met lokale partners! Daardoor ligt de CO²-uitstoot van het productieproces wel 32% lager dan de productie van conventioneel textiel. Verder ligt ook het verbruik van water en energie lager: 84% lager voor water en 42% voor energie.
Klik op één van de onderstaande partners om naar hun website te gaan: