Beste wensen 2026
Jongeren die in de loop van 2018 de schoolbanken verlieten, kunnen -onder bepaalde voorwaarden- van jeugdvakantie-uitkeringen en aanvullende vakantiedagen genieten.
Voorwaarden voor het vakantiejaar 2019:
Indien je aan deze voorwaarden voldoet, heb je recht op 4 vakantieweken, wat overeenstemt met 24 dagen bij een tewerkstelling in het 6-dagenweekstelsel en 20 dagen bij een 5-dagenweek. Het (maximum) aantal jeugdvakantiedagen wordt afgetrokken van het aantal “gewone” vakantiedagen, betaald door de werkgever (of het vakantiefonds).
De uitkering bedraagt 65% van het brutoloon tijdens de eerste maand waarin de jeugdvakantie genomen wordt en is begrensd tot 2.297,90 euro per maand (bedrag geïndexeerd in 2019). Op dit bedrag wordt een fiscale voorheffing van 10,09% ingehouden.
De jeugdvakantie kan genomen worden in 2019 als je:
Eens de gewone vakantiedagen uitgeput zijn, vraag je -voor de betrokken maand- twee exemplaren van het formulier “C103 jeugdvakanties – werkgever” aan de werkgever. Deze twee documenten dien je bij het ABVV in, vergezeld door het formulier “C103 jeugdvakanties – werknemer”. Na goedkeuring door de RVA, zal het ABVV de jeugdvakantie-uitkering storten.